Een breder perspectief
“Ja dan pas je gewoon het diafragma even aan en dan stel je zo de isowaarde bij, dat is veel beter als je op deze manier foto’s wil maken. Wist je dat niet?” Zegt de jongen die er overduidelijk heel veel verstand van heeft. Hij kijkt interessant naar mijn camera en prutst eraan. Hij is zelf ook heel erg interessant, dat zie je zo. Met een hippe tas, een hele oude leren jas, een politiek incorrect kapsel (en vast net zulke politiek incorrecte ideeën, de rebel!). Ik vraag me af waarom hij zomaar aan mijn camera zit, aangezien het mijn camera is en we elkaar pas net hebben ontmoet. We zitten tegenover elkaar in de trein en voeren een (eenzijdig) gesprek over fotografie. Waar hij heel veel van weet. Heel veel. Waar hij tevens ook heel erg goed in is. Heel erg.
“Nee dat wist ik niet” geef ik toe.
“Sterker nog, ik weet niet eens wat diafragma is.” Dit is blijkbaar vloeken in de kerk.
“Je weet niet wat diafragma is?” Vraagt hij stomverbaasd.
“Neen, dat weet ik niet” bevestig ik. Hij laat mijn camera van zijn ene hand naar zijn andere hand gaan. Ik vermoed dat hij overweegt hem helemaal niet meer terug te geven. Dat arme toestel is veel beter af bij een mede kunstenaar die wel weet wat een diafragma is natuurlijk, niet bij zo’n amateuristische prutsert als ik.
“Dat kan ook natuurlijk” zegt hij. Alsof ik hem net verteld heb dat ik de camera alleen gebruik als boekensteun. En al was dat zo, dan was dat nog geheel mijn zaak, maar dat daargelaten. Zuchtend overhandigt hij mij mijn camera weer.
“ Het is jammer dat je geen verdieping zoekt als je zo’n mooi apparaat hebt hoor. Een foto zegt zoveel meer dan woorden. Het is kunst, een manier van verzet. Maar goed, het is niet voor iedereen weggelegd om die boodschap daadwerkelijk over te brengen.” Aangezien dit vrij onvriendelijk over komt besluit ik maar niet te reageren.
“Wat studeer je eigenlijk?” Ook dit gaat hem niks aan maar ik reageer automatisch.
“Internationaal en Europees recht, en jij?” Dit is geen best antwoord, dat zie ik meteen. Ergens in zijn brein wordt nu een hele lade met clichés opengetrokken.
“Kunstgeschiedenis, daarom snap ik ook hoe beeld werkt enzo. Jullie rechtenstudenten generaliseren altijd zo, en hebben eigenlijk zo’n beperkt perspectief. Perspectief is mijn passie zie je, verder kijken en bijdragen. Cultuur is wat ons onderscheidt van de beesten. Maar daar zal ik jou niet mee vervelen.” Nee, stel je voor. Wij rechtenstudenten met onze normen en waarden en toekomstperspectieven. Wij hebben een hekel aan cultuur. Zeker als je niet weet wat een diafragma is. Er zijn mensen voor minder aan de sociale schandpaal genageld. De boefjes.
“Ik heb een blog?” Zeg ik, schijnbaar omdat ik vind dat ik mijn imago moet opvijzelen bij deze onbekende persoon.
“Nou goedzo meid, dan kun je in ieder geval spellen. Dat scheelt alweer.” Ik haat artistieke studenten Algemene Cultuurwetenschappen. Maar voordat ik hem dat luid en duidelijk kan gaan vertellen is de trein in Zutphen en stapt hij uit. Ik voel me een mengeling van opluchting en lafheid omdat ik hem niet verbaal een kopje kleiner heb gemaakt.
En dan besef ik dat ik nog steeds niet weet wat diafragma is.
“Sterker nog, ik weet niet eens wat diafragma is.” Dit is blijkbaar vloeken in de kerk.
“Je weet niet wat diafragma is?” Vraagt hij stomverbaasd.
“Neen, dat weet ik niet” bevestig ik. Hij laat mijn camera van zijn ene hand naar zijn andere hand gaan. Ik vermoed dat hij overweegt hem helemaal niet meer terug te geven. Dat arme toestel is veel beter af bij een mede kunstenaar die wel weet wat een diafragma is natuurlijk, niet bij zo’n amateuristische prutsert als ik.
“Dat kan ook natuurlijk” zegt hij. Alsof ik hem net verteld heb dat ik de camera alleen gebruik als boekensteun. En al was dat zo, dan was dat nog geheel mijn zaak, maar dat daargelaten. Zuchtend overhandigt hij mij mijn camera weer.
“ Het is jammer dat je geen verdieping zoekt als je zo’n mooi apparaat hebt hoor. Een foto zegt zoveel meer dan woorden. Het is kunst, een manier van verzet. Maar goed, het is niet voor iedereen weggelegd om die boodschap daadwerkelijk over te brengen.” Aangezien dit vrij onvriendelijk over komt besluit ik maar niet te reageren.
“Wat studeer je eigenlijk?” Ook dit gaat hem niks aan maar ik reageer automatisch.
“Internationaal en Europees recht, en jij?” Dit is geen best antwoord, dat zie ik meteen. Ergens in zijn brein wordt nu een hele lade met clichés opengetrokken.
“Kunstgeschiedenis, daarom snap ik ook hoe beeld werkt enzo. Jullie rechtenstudenten generaliseren altijd zo, en hebben eigenlijk zo’n beperkt perspectief. Perspectief is mijn passie zie je, verder kijken en bijdragen. Cultuur is wat ons onderscheidt van de beesten. Maar daar zal ik jou niet mee vervelen.” Nee, stel je voor. Wij rechtenstudenten met onze normen en waarden en toekomstperspectieven. Wij hebben een hekel aan cultuur. Zeker als je niet weet wat een diafragma is. Er zijn mensen voor minder aan de sociale schandpaal genageld. De boefjes.
“Ik heb een blog?” Zeg ik, schijnbaar omdat ik vind dat ik mijn imago moet opvijzelen bij deze onbekende persoon.
“Nou goedzo meid, dan kun je in ieder geval spellen. Dat scheelt alweer.” Ik haat artistieke studenten Algemene Cultuurwetenschappen. Maar voordat ik hem dat luid en duidelijk kan gaan vertellen is de trein in Zutphen en stapt hij uit. Ik voel me een mengeling van opluchting en lafheid omdat ik hem niet verbaal een kopje kleiner heb gemaakt.
En dan besef ik dat ik nog steeds niet weet wat diafragma is.
