Het laatste oordeel
Voor ANS:
Het Laatste Oordeel
Duffe opsommingen of ultiem entertainment? Iedere maand verschanst ANS zich in de collegebanken om een genadeloos oordeel te vellen over het onderwijs aan de RU.Tekst: Kiki Kolman en Laura van der Vet
Foto: Ceriel Gerrits
Foto: Ceriel Gerrits
Studie:
Geschiedenis
Geschiedenis
College:
Middeleeuwen,
9 november 08.45u – 10.30u, El2.50
Middeleeuwen,
9 november 08.45u – 10.30u, El2.50
Docent:
Dr. P. Bange
Dr. P. Bange
Uitstraling:
Zedige zestiger met kennis van keizers
Zedige zestiger met kennis van keizers
Inhoud:
Waar is Wally met Franse lelies
Waar is Wally met Franse lelies
Eindcijfer:
5,5
5,5
‘Het contrast tussen het Byzantijnse Rijk en het West-Romeinse Rijk was zeer groot.’ Zonder enige introductie of verwelkoming begint Petty Bange aan haar relaas over grootgrondbezitters, keizers en erfgenamen. De geschiedenisdocente staat voor de zaal met een stapel aantekeningen in haar hand. Op het puntje van haar neus staat een streng brilletje waar ze zo nu en dan vermanend overheen kijkt. Terecht merken studenten achterin de zaal op dat ze met haar lange rok, zwarte tuniek en witte kraag zo lijkt te zijn weggelopen uit de eeuw die onderwerp is van haar college. Haar witgrijze haar zit in een onberispelijke scheiding en is net zo onbeweeglijk als Bange zelf. Statig dreunt de docente haar uitgebreide kennis op. Hier en daar lijkt zij zich zelfs deskundiger te achten dan het handboek. ‘De astrustiones worden vergeleken met een criminal gang, maar dat is natuurlijk onzin.’
De monotone stem die door de zaal dreunt doet denken aan een radioshow uit de jaren vijftig en maakt het moeilijk de aandacht erbij te houden. Met een stalen gezicht praat Bange over bloederige taferelen, corrupte Bijbelteksten en woeste oorlogstijden. Een tekstloze PowerPointpresentatie begeleidt het geheel. De kleurrijke kaarten en prenten met knalgele achtergrond doen op dit vroege tijdstip pijn aan de katerige ogen. De dia’s tonen vrijwel allemaal keizers of koningen. Bij elke slide voegt Bange toe dat er Franse lelies op de koninklijke mantel staan en de prent dus niet uit de middeleeuwen kan komen. ‘Toen bestond dit symbool immers nog niet.’ Hoewel dit detail in haar ogen schijnbaar uitermate interessant is, veranderen de illustraties voor de gemiddelde student in eindeloze zoekplaatjes naar het historische embleem. De stof mag dan slaapverwekkend zijn, het eerstejaars publiek blijft wel goed opletten. Op alle laptopschermen is ook werkelijk Word geopend en niemand kan worden betrapt op het spelen vanKnights and Merchants of het updaten van Facebook. Bovendien is het gedurende het volle anderhalf uur muisstil.
Na de welverdiende pauze is het tijd voor Karel de Grote. Dit onderwerp wakkert zichtbaar enthousiasme in Bange aan. De docente wordt losser, beweeglijker en gaat zowaar op de rand van het bureau zitten. De aantekeningen, en daarmee de bril, verdwijnen. Naast nog meer Franse lelies komt een foto van het Keizer Karelplein voorbij. Uit het blote hoofd worden details, jaartallen en namen opgerakeld. ‘Renovare, reformare, revocure,’ declameert de historica groots. Geen mens weet wat het betekent, maar iedereen is diep onder de indruk. Helaas kan deze opleving de eentonigheid van het verhaal niet doorbreken. Daardoor blijft ook de tweede helft van het college een lange zit. Zonder er zelfs maar bij te glimlachen vertelt Bange dat Karel de Grote als gematigd mens wordt omschreven, omdat hij slechts drie bekers wijn per maaltijd nam. ‘Als je het formaat van die bekers ziet, valt die gematigdheid behoorlijk mee… of tegen.’ Na nog meer dia’s en middeleeuwse beroemdheden komt de klapper en tevens het laatste onderdeel van het college: de Karolische Minuskel. Dit schrift uit de tijd van Karel de Grote is tegenwoordig als lettertype Book Antiqua te vinden in je digitale tekstverwerker. De historici in wording besluiten het college met een waar applaus. Onduidelijk blijft of dit uit enthousiasme of pure opluchting is.
De monotone stem die door de zaal dreunt doet denken aan een radioshow uit de jaren vijftig en maakt het moeilijk de aandacht erbij te houden. Met een stalen gezicht praat Bange over bloederige taferelen, corrupte Bijbelteksten en woeste oorlogstijden. Een tekstloze PowerPointpresentatie begeleidt het geheel. De kleurrijke kaarten en prenten met knalgele achtergrond doen op dit vroege tijdstip pijn aan de katerige ogen. De dia’s tonen vrijwel allemaal keizers of koningen. Bij elke slide voegt Bange toe dat er Franse lelies op de koninklijke mantel staan en de prent dus niet uit de middeleeuwen kan komen. ‘Toen bestond dit symbool immers nog niet.’ Hoewel dit detail in haar ogen schijnbaar uitermate interessant is, veranderen de illustraties voor de gemiddelde student in eindeloze zoekplaatjes naar het historische embleem. De stof mag dan slaapverwekkend zijn, het eerstejaars publiek blijft wel goed opletten. Op alle laptopschermen is ook werkelijk Word geopend en niemand kan worden betrapt op het spelen vanKnights and Merchants of het updaten van Facebook. Bovendien is het gedurende het volle anderhalf uur muisstil.
Na de welverdiende pauze is het tijd voor Karel de Grote. Dit onderwerp wakkert zichtbaar enthousiasme in Bange aan. De docente wordt losser, beweeglijker en gaat zowaar op de rand van het bureau zitten. De aantekeningen, en daarmee de bril, verdwijnen. Naast nog meer Franse lelies komt een foto van het Keizer Karelplein voorbij. Uit het blote hoofd worden details, jaartallen en namen opgerakeld. ‘Renovare, reformare, revocure,’ declameert de historica groots. Geen mens weet wat het betekent, maar iedereen is diep onder de indruk. Helaas kan deze opleving de eentonigheid van het verhaal niet doorbreken. Daardoor blijft ook de tweede helft van het college een lange zit. Zonder er zelfs maar bij te glimlachen vertelt Bange dat Karel de Grote als gematigd mens wordt omschreven, omdat hij slechts drie bekers wijn per maaltijd nam. ‘Als je het formaat van die bekers ziet, valt die gematigdheid behoorlijk mee… of tegen.’ Na nog meer dia’s en middeleeuwse beroemdheden komt de klapper en tevens het laatste onderdeel van het college: de Karolische Minuskel. Dit schrift uit de tijd van Karel de Grote is tegenwoordig als lettertype Book Antiqua te vinden in je digitale tekstverwerker. De historici in wording besluiten het college met een waar applaus. Onduidelijk blijft of dit uit enthousiasme of pure opluchting is.
Het Laatste Oordeel der Studenten
Menig aanwezige braverik bekent het onderwerp interessant te vinden, maar de presentatie minder te waarderen. De eerstejaars vinden de colleges erg eentonig en missen de structuur. Hun gedachten dwalen dan ook af naar alle uithoeken van de collegezaal of daarbuiten, niet zelden naar het nog warme bed. Een van de studenten zegt zich drukker te maken om zijn date over drie weken dan om gebeurtenissen uit het verleden. De conclusie lijkt duidelijk: ‘Ze heeft veel liefde voor haar vak, maar weet dit niet echt over te brengen.’
Menig aanwezige braverik bekent het onderwerp interessant te vinden, maar de presentatie minder te waarderen. De eerstejaars vinden de colleges erg eentonig en missen de structuur. Hun gedachten dwalen dan ook af naar alle uithoeken van de collegezaal of daarbuiten, niet zelden naar het nog warme bed. Een van de studenten zegt zich drukker te maken om zijn date over drie weken dan om gebeurtenissen uit het verleden. De conclusie lijkt duidelijk: ‘Ze heeft veel liefde voor haar vak, maar weet dit niet echt over te brengen.’
http://www.ans-online.nl/papieren-ansen/ans-december-2011/het-laatste-oordeel-dr-p-bange
Labels: Algemeen Nijmeegs Studentenblad

0 reacties:
Een reactie posten
Aanmelden bij Reacties posten [Atom]
<< Homepage